Wat je als werkgever moet weten over vakantiegeld

Ken de spelregels die gelden voor vakantiegeld

Als werkgever moet je je werknemer elk jaar vakantiegeld betalen. Hiervoor gelden verschillende wettelijke regels. Voor je werknemer is vakantiegeld een belangrijke arbeidsvoorwaarde. Zorg ervoor dat je de spelregels goed kent en voorkom een arbeidsconflict met je werknemer.

Maak je eigen arbeidscontract!
Begin
Beantwoord een paar vragen. Wij zorgen voor de rest.

Naast vakantiedagen heeft elke werknemer tevens een wettelijk recht op vakantiegeld, ook wel vakantietoeslag genoemd. Dit is een toeslag op het loon van de werknemer waar je niet van kunt afwijken. Het maakt hierbij overigens niet uit of het om een werknemer met een arbeidscontract of oproepcontract gaat.

Vakantiegeld berekenen is niet zo lastig. Het vakantiegeld bedraagt wettelijk minimaal 8% en bereken je over het brutoloon. Als je werknemer een bonus, dertiende maand, winstuitkering of onkostenvergoeding krijgt, dan betaal je hierover geen vakantiegeld.  

Stel je werknemer verdient per maand € 3.000 bruto en zijn vakantiegeld bedraagt 8%. Elke maand bouwt hij € 240 op (8% van 3.000). Op jaarbasis betaal je deze werknemer dus € 2.880 bruto aan vakantiegeld uit.

Een werknemer heeft wel recht op vakantiegeld over het overwerkloon. Indien je de uren die je werknemer overwerkt uitbetaalt, dan moet je daarover ook 8% vakantiegeld uitbetalen.  

Op de regel dat elke werknemer recht heeft op 8% vakantiegeld geldt een uitzondering. Verdient je werknemer meer dan 3 keer het minimumloon, dan betaal je slechts 8% over het salaris dat 3 keer het minimumloon betreft. Daarboven betaal je geen vakantiegeld, tenzij je daarover met je werknemer een andere afspraak hebt gemaakt.

Stel je werknemer verdient € 6.000 bruto, dat is € 1.217,40 meer dan 3 keer het minimumloon (3 x 1.594,20 = € 4.782,60). Je betaalt dan alleen 8% vakantiegeld over € 4.782,60 en niet meer over de € 1.217,40 daarboven.

Je werknemer bouwt zijn vakantiegeld op over de periode 1 juni tot en met 31 mei van het volgende jaar. Begint je werknemer bijvoorbeeld op 1 januari met werken en betaal je op 1 mei het vakantiegeld uit, dan heeft hij geen recht op het volledige vakantiegeld maar op 4 maanden vakantiegeld, ofwel een kwart (4 van de 12 maanden) van 8% van zijn loon.

Veel werkgevers betalen het vakantiegeld uit in mei. Je bent hiertoe niet verplicht. Je kunt het ook in een andere maand betalen of elke maand. Dit moet je dan wel opnemen in een bedrijfsreglement. Let op: zorg ervoor dat je het volledige vakantiegeld uiterlijk in juni betaald hebt.

Vakantiegeld is een arbeidsvoorwaarde die je mag koppelen aan prestaties van je werknemer. Zo kun je je werknemer met een extra percentage vakantiegeld belonen als hij bepaalde targets behaalt. Wel moet je er rekening mee houden dat je altijd ten minste het wettelijk minimum van 8% vakantiegeld uitkeert.

Net als over al het andere inkomen heft de Belastingdienst inkomstenbelasting over vakantiegeld. De berekening ervan is afhankelijk van de belastingschijven en de heffingskortingen die op je werknemer van toepassing zijn. De heffingskortingen zijn namelijk inkomensafhankelijk en worden ook verrekend met het vakantiegeld. Hierdoor blijft er in verhouding tot normaal loon netto minder van over.

Vergeet niet dat je bij het einde van het dienstverband van je werknemer de resterende vakantiedagen en resterend vakantiegeld moet uitbetalen.

Maak je eigen arbeidscontract!
Begin
Beantwoord een paar vragen. Wij zorgen voor de rest.